Exmar verslag 2025
5.2 GECONSOLIDEERDE JAARREKENING 200 De jaarrekening is opgesteld op basis van historische kostprijs, met uitzondering van de volgende materiële activa en verplichtingen dewelke zijn gewaardeerd tegen een alternatieve basis op iedere balansdatum: afgeleide financiële instrumenten, overige investeringen (aandelen gewaardeerd aan FVTPL) en de netto pensioenvoorziening aangaande te bereiken doel plannen. D. GEBRUIK VAN SCHATTINGEN EN BEOORDELINGEN De opmaak van de jaarrekening in overeenstemming met IFRS vereist dat het management beoordelingen, schattingen en veronderstellingen maakt die van invloed zijn op de toepassing van de waarderingsregels en de gerapporteerde bedragen van activa en passiva, opbrengsten en kosten, de bijbehorende toelichtingen en de toelichting omtrent latente verplichtingen. De schattingen en de hiermee verbonden veronderstellingen zijn gebaseerd op ervaring en verschillende andere factoren die gegeven de omstandigheden als redelijk worden beschouwd. De uiteindelijke resultaten kunnen verschillen van deze schattingen. De schattingen en onderliggende veronderstellingen worden voortdurend herzien. Herzieningen van boekhoudkundige schattingen worden verwerkt in de periode waarin de raming wordt herzien, op voorwaarde dat de herziening alleen op die periode betrekking heeft, of in de periode van de herziening en toekomstige periodes, indien de herziening zowel de huidige als toekomstige periodes treft. Beoordelingen Bij de toepassing van de waarderingsregels van de Groep heeft het management de volgende beoordelingen gevormd, die een belangrijke invloed hebben op de bedragen die in de geconsolideerde jaarrekening worden gerapporteerd: Beoordeling uitoefening aankoopopties Bepalen of EXMAR aankoopopties zal uitoefenen op gefinancierde activa vereist een beoordeling en heeft een impact op de gebruiksduur van de onderliggende activa. Alle feiten en omstandigheden die relevant zijn voor de beoordeling worden in overweging genomen. Schattingen en veronderstellingen De belangrijkste veronderstellingen omtrent de toekomst en andere belangrijke bronnen van onzekerheid bij de schattingen op de verslagdatum, die een significant risico kunnen inhouden van een materiële aanpassing van de boekwaarde van de activa en passiva in het volgende boekjaar, worden hieronder beschreven. De Groep heeft haar veronderstellingen en schattingen gebaseerd op de parameters die beschikbaar waren toen de geconsolideerde jaarrekening werd opgesteld. Bestaande omstandigheden en veronderstellingen over toekomstige ontwikkelingen kunnen echter veranderen als gevolg van marktwijzigingen of omstandigheden die zich voordoen buiten de controle van de Groep. Dergelijke wijzigingen worden in de veronderstellingen verwerkt wanneer zij zich voordoen. Waardeverminderingen van schepen en platformen De Groep evalueert de boekwaarde van elk schip op mogelijke waardevermindering, minstens jaarlijks of telkens wanneer gebeurtenissen of wijzigingen in omstandigheden erop wijzen dat de boekwaarde van een specifiek schip mogelijk niet volledig realiseerbaar is. De realiseerbare waarde is de hoogste waarde van de reële waarde verminderd met de verkoopkosten en de gebruikswaarde. De reële waarde verminderd met de verkoopkosten wordt bepaald op basis van onafhankelijke waarderingsrapporten. De Groep doet beroep op twee onafhankelijke makelaars om de reële waarde op de verslagdatum te bepalen. De boekwaarde van de schepen geeft mogelijks niet de huidige marktwaarde weer aangezien de marktwaarden van tweedehands schepen fluctueren naargelang de evolutie van de vrachttarieven en de kostprijs van nieuwbouwschepen. Historisch gezien zijn zowel vrachttarieven als de waardering van schepen cyclisch. De gebruikswaarde is gebaseerd op de verwachte toekomstige kasstromen verdisconteerd tot hun huidige waarde. Om de inschatting van de toekomstige kasstromen te bepalen, maakt het management inschattingen over de verwachte datum van ingebruikname (in het geval van tijdelijk niet-operationele schepen), toekomstige vrachttarieven, operationele kosten van de schepen, verwachte levensduur van de vloot en de WACC. Deze inschattingen zijn gebaseerd op historische gegevens en toekomstverwachtingen. Het management is van mening, dat de inschattingen een betrouwbare basis zijn voor haar huidige beoordeling maar is zich bewust van de subjectiviteit ervan. We verwijzen naar Toelichting 13 Schepen en platformen voor meer informatie over de toegepaste veronderstellingen op jaareinde.
Made with FlippingBook
RkJQdWJsaXNoZXIy NzgyMw==